Fan it Klaverlân
 
Kennel fan it Klaverlân
 
Standaard Stabijhoun FCI

Standaard No. 222                                                                                            Nederlands ras

 

Algeheel beeld  Een eenvoudige, krachtig gebouwde, langharige staande hond, meer gestrekt dan hoog, die noch te fors, noch te fijn mag zijn en waarvan de huid goed gespannen is en die dan ook noch keelhuid, noch hanglippen vertoont.

 

Aard  Aanhankelijk, zacht en lief als huishond, schrander, gehoorzaam en leerzaam, rustig,  waaks, niet vals noch bijterig.

 

Hoofd  Droog. Grootte in verhouding tot het lichaam, meer lengte dan breedte tonend. Schedel en snuit zijn even lang. De schedel licht gewelfd, niet smal, doch vooral niet de indruk wekkend breed te zijn, hij gaat met een lichte ronding over naar de wangen, wangspieren weinig ontwikkeld.  De overgang van de schedel matig aangegeven. De snuit krachtig, geleidelijk iets smaller wordend naar de neus toe, zonder echter spits toe te lopen. De neusrug recht, dus van opzij gezien noch een bol- noch een holliggende lijn tonend. Neusrug breed, de neus goed open. De lippen goed gesloten, niet overhangend. Gebit krachtig en scharend.

 

Oren Vrij laag aangezet, oorschelp niet sterk ontwikkeld, zodat de oren goed gevouwen en zonder enige draai vlak tegen het hoofd gedragen worden. Oren, waarvan de oorschelp krachtig ontwikkeld is, waardoor de vouw in het oor niet direct bij de inplanting, doch eerst later plaatsvindt, waardoor  het oor niet tegen het hoofd wordt gedragen, doch daarvan duidelijk afwijkt, zijn verwerpelijk. De oren zijn middelmatig lang en hebben de vorm van een troffel. De beharing van het oor is een typische eigenschap van het ras, zij is bij de basis van het oor vrij lang, neemt naar beneden in lengte geleidelijk af, terwijl het onderste een-derde deel van het oor met kort haar is bezet. De lange beharing moet recht zijn, iets gegolfd is toegestaan, doch gekruld is verwerpelijk.                                                                                                                                                    

 

Ogen  Waterpas liggend, middelmatig groot, rond met goed gesloten oogleden, zonder het bindvlies te laten zien, noch uitpuilend, noch diepliggend. Kleur: donkerbruin voor de honden met zwarte grondkleur en bruin voor de honden met bruine of oranje grondkleur. Roofvogelogen zijn verwerpelijk.

 

Neus  Zwart voor de honden met zwarte grondkleur en bruin voor de honden met bruine of oranje grondkleur. Niet gespleten. Neusgaten goed geopend, neusspiegel goed ontwikkeld.

 

Hals  Kort en rond, in een zeer stompe hoek overgaand in de ruglijn, zodat het hoofd doorgaans laag wordt gedragen. De hals licht gewelfd, geen keelhuid of wammen.

 

Borst  Van voren gezien vrij breed, meer breedte dan diepte tonend en daarom de voorbenen vrij ver uit elkaar staand. Onderborst niet puntig en niet dieper reikend  dan tot aan de ellebogen.

 

Lichaam  Krachtig. De ribben goed gerond.  Achterhand goed ontwikkeld. De rug recht, vrij lang, het kruis weinig afvallend. Lendenen krachtig. Buik slechts matig opgetrokken.

 

Staart  Lang, reikende tot aan de hiel, Niet hoog ingeplant, wordt naar beneden gedragen, tot onderste een-derde deel met een lichte buiging naar boven gebogen. In actie gaat de staart omhoog, echter nooit in spiraal. Rondom en tot het einde lang behaard, zonder krullen of golven, geen bevedering, maar bossig.

 

Voorhand  Schouder goed aan het lichaam gesloten. Schouderblad schuin geplaatst, goed gehoekt. Benedenarm krachtig, goed recht, voorvoeten recht, niet doorgezakt, voeten rond, tenen goed ontwikkeld en gebogen, noch katte- noch hazevoeten, voetzolen krachtig.

 

Achterhand  Krachtig. Goede hoeking van darm- en dijbeen en van dijbeen en schenkelbeen. Schenkelbeen niet te lang. Hiel dicht bij de grond geplaatst, achtermiddenvoet dus kort. Achtervoeten rond met goed ontwikkelde voetzolen.

 

Beharing  Lang en sluik over de gehele romp, hoogstens mag op het kruis een enkele lichte golf voorkomen. Het hoofd kort behaard. De beharing aan de achterzijde van de voorbenen en aan de broek goed ontwikkeld, meer bossige beharing dan bevedering. Broek lang behaard. Iets gekrulde beharing wijst op een kruising en daarom mogen de honden met een dergelijke beharing niet als stabijhoun worden erkend.

 

Kleuren  Zwart/bruin/oranje met witte aftekening, waarbij in het wit schimmel en/of spikkels mogen voorkomen.

 

Grootte   Ideale maat reuen:      53 cm.  Ideale maat teven:      49 cm.

 

N.B.:   De reuen dienen twee teelballen te bezitten die er normaal moeten uitzien en volledig ingedaald zijn.